Het Beckwith-Wiedemann-syndroom (BWS) is een genetische aandoening die zich doorgaans kenmerkt door overmatige groei. De ernst van de symptomen verschilt per kind, waarbij de meeste gevallen al bij de geboorte worden vastgesteld. Sommige kinderen hebben slechts een milde afwijking, zoals hemihypertrofie (asymmetrische groei van een lichaamsdeel), terwijl anderen meerdere kenmerken vertonen. BWS komt voor bij ongeveer 1 op de 11.000 geboorten en treft jongens en meisjes in gelijke mate.
Kinderen met BWS kunnen verschillende kenmerken vertonen, zoals macrosomie (grote lichaamslengte en -gewicht), hemihypertrofie, een dikke tong bij baby's (macroglossie) en een verhoogd risico op bepaalde vormen van kanker.
BWS wordt veroorzaakt door genetische veranderingen in chromosoom 11 (11p15), die de groeicontrole verstoren. De meeste gevallen ontstaan spontaan zonder familiegeschiedenis, terwijl een klein deel erfelijk is.